Construeren toetsvormen

De centrale examens in het vmbo worden landelijk ontwikkeld en vastgesteld. Scholen zijn zelf verantwoordelijk voor het samenstellen van de schoolexamens. Een school moet wél met een PTA laten zien met welke (combinatie van) toetsen wordt gemeten of de leerlingen de eindtermen beheersen. In het vmbo is een toenemende variëteit aan toetsvormen; van een eenvoudige schriftelijke toets, tot een debat, project of proeve van bekwaamheid als PTA-toets.

Voor de schoolexamens gebruiken scholen deels of volledig zelf ontwikkelde toetsen. De schoolexamenbank vmbo kan docenten helpen bij het construeren van goede toetsen.

Kwaliteitseisen

Belangrijke algemene kwaliteitseisen bij toetsconstructie zijn:

  • Validiteit: dekt de toets de leerdoelen/eindtermen?
  • Betrouwbaarheid: komen de resultaten van de leerling op de toets overeen met zijn capaciteiten?
  • Transparantie: is het voor de leerling duidelijk wat er van hem/haar verwacht wordt in de toets?
  • Uitvoerbaarheid: kunnen de toetsen worden uitgevoerd binnen de beschikbare tijd, door de beoogde beoordelaars en in combinatie met eventuele andere toetsen?
    Het voldoen aan deze kwaliteitseisen is voor het schoolexamen de verantwoordelijkheid van de school zelf. Landelijk krijgt het vmbo handreikingen om de kwaliteit van de toetsen te verbeteren en borgen op basis van een kwaliteitscyclus van schoolexaminering.

Docenten werken met een toetsmatrijs voor de samenstelling van een toets. Een goede toets bestaat altijd uit ten minste 3 onderdelen: de vragen en/of opdrachten, een instructie voor de leerlingen en een beoordelingsmodel. Vaststelling van een toets gebeurt door de ‘vaststellers’. Aan de hand van een checklist controleert de vaststeller de kwaliteit van de toets. Aan de hand van zijn bevindingen stelt de toetsconstructeur de toets bij. Voor veel scholen is deze werkwijze nog in ontwikkeling. Een landelijk professionaliseringstraject ondersteunt vmbo-scholen hierbij.